Het buitengewone in het gewone.

We hebben het afgelopen jaar veel tijd thuis doorgebracht. Voorzichtig komen er wat versoepelingen, maar nog steeds gelden de basisregels. Door deze maatregelen zijn we wat op onszelf teruggeworpen. Onze sociale contacten zijn fysiek verminderd. Maar wat we wel hebben kunnen doen, is het ontdekken van de schoonheid dicht om ons heen. Voorheen zagen we die misschien niet eens. De wandelingetjes in onze eigen omgeving laten zien hoe mooi het eigenlijk is. We kunnen ons verwonderen over de schepping: hoe alles groeit en bloeit, hoe het, ondanks alles, toch ook nu weer voorjaar werd en zomer.

Zien wat er is, er bij stilstaan, openstaan voor wat zomaar voor je verschijnt. Dat heet verwondering. Verwondering overkomt je. lk denk dat iedereen wel deze momenten kent. Een vergezicht, een zonsopgang of -ondergang in de bergen of bij zee. Maar ook de kleine dingen om ons heen: het zien groeien van de plantjes in je eigen tuin, een vlinder die danst in het zonlicht. Je ziet iets waar je stil van wordt. Dan kun je je heel klein voelen. Wie ben ik, wie is de mens, wat is onze plek in het grotere geheel? ‘Zie ik de hemel, het werk van uw vingers, de maan en de sterren, door U daar bevestigd, wat is dan de sterveling dat U naar hem omziet?’ Psalm 8, David zingt het als hij op een avond naar de sterren kijkt. Zo gewoon, maar ook zo buitengewoon. Die verwondering van David is ook onze verwondering.

Maar het blijft niet bij verwondering in Psalm 8, er moet ook iets gedaan worden. God heeft ons alles toevertrouwd om voor te zorgen. ‘Alles heeft U hem aan zijn voeten gelegd, de dieren op het veld, de vogels in de lucht en de vissen in de zee, alles wat rondkruipt op de aarde.’ De mens is geschapen als beelddrager van God. Mens met God, mens met mensen, mens in de schepping. Wat zou het mooi zijn als we inderdaad zo naar elkaar zouden kunnen kijken. Mensen werkelijk zien, werkelijk verstaan, met verwondering naar elkaar kijken. Als ons dat eens zou lukken, als we het buitengewone in het gewone van onze medemensen zien. Jezus is voor ons het sprekend voorbeeld. Hij liet ons zien hoe het kan. In het verhaal van zijn leven, van een baby, klein en kwetsbaar, tot zijn sterven aan het kruis, geeft hij God een menselijk gezicht. Hij leert ons om mensen van God te zijn, om tot zegen voor elkaar te zijn. Om ons te verwonderen over de schepping die aan ons is toevertrouwd. Daarom als opdracht voor deze zomer, verwonder je, om elkaar, om Gods scheppin Zie het buitengewone in het gewone.

Pastor Jacqueline van Dop

 

Schrijf uw naam personen

Grotere letter